donderdag 15 januari 2015

Je suis Charlie

Ik heb lang getwijfeld of ik dit wel zou moeten plaatsen op het blog, het lopen met een kudde is voor mij bijna altijd “rozengeur en maneschijn”, maar vandaag niet. Dit keer geen glimlach.

Al dagen volg ik ontwikkelingen in Parijs en de wereld. De kranten staan er vol van, de radio en vooral de tv laat bizarre beelden zien. De avonden worden gevuld met mannen in pak met stropdassen. Er wordt gepraat, heel veel gepraat, maar weinig gezegd. Een van de weinigen die echt iets zegt is de burgemeester van Rotterdam.
Meer dan 3 miljoen mensen lopen mee in demonstraties in Frankrijk. Ook in Nederland zijn demonstraties. Als blijk van medeleven, ter ondersteuning, maar ook als protest lopen mensen mee. Ik heb nog nooit in een demonstratie meegelopen. Ik voel mij niet prettig in de massa en toch wil ik mijn grote zorg, maar ook mijn medeleven uiten. Iedereen doet dat op zijn eigen manier: mensen demonstreren, gaan bidden, praten erover of zingen erover. Ik schrijf een verhaaltje voor mijn blog…..

Het is koud en het stormt. Mijn hond Kita kan door de storm de commando’s niet horen en ik stuur hem aan met lichaamstaal en gebaren. Rond koffietijd ga ik op mijn kruk zitten, neem een bakkie en ik mijmer. Ik probeer de sombere gedachtes om te zetten in positieve gedachtes, want daarom ben ik vandaag naar de kudde gekomen...

Mijn gedachten gaan naar de zomervakantie van 2 jaar terug. Ik heb toen de Mont Ventoux met de fiets beklommen. Wel een mooie ervaring, maar de drukte en het circus eromheen trekt mij niet echt. De laatste drie kilometers fiets je boven de boomgrens. Het is een soort maanlandschap, ruig en grillig: alleen maar stenen. Twee kilometer voor de top is in deze ruigheid een monument neergezet ter nagedachtenis aan Tom Simpson (wielrenner) op deze plek gestorven door doping op 13 juli 1967 tijdens een Tour de France rit.
Ik passeer het monument kijkt er vluchtig naar, het zweet stroomt van mijn gezicht, mijn bovenbenen ontploffen bijna en ik word angstig van mijn eigen gehijg. Op het moment dat ik zijwaarts naar rechts naar het monument kijk, zie ik 50 meter verderop een kleine kudde schapen lopen. Hoe bizar! Geen grasplukje te bekennen en toch leven de schapen hier.
Lager naar het dal toe is wel meer te eten, maar de temperatuur is daar in de zomer te hoog voor de dieren.

Ik haal vermoeid de top, laat een foto door een toerist van mij maken bij het bordje Mont Ventoux 1910 m hoogte. Ik eet en drink wat en ga aan een gevaarlijke afdaling beginnen. Thuisgekomen op de camping vraagt mijn vrouw: “En? Gehaald? “Ja, tuurlijk,” zeg ik vermoeid. “Hoe was het?”vraagt ze verder. En ik antwoord: “Twéé kilometer voor de top heb ik een kudde schapen gezien, bizar...” Ik sluit mijn ogen en val in slaap. 's Avonds bij het eten zeg ik tegen mijn vrouw: “Morgen ga ik weer, maar dan met hond Kita, ik ga lopend.”

De looptocht duurt 4 uur en het is warm, nergens een beekje of stroompje. De Mont Ventoux bestaat uit poreus gesteente, dus al het regenwater zakt tientallen meters naar beneden. Het is een wijngebied maar het benodigde water moet opgepompt worden. Hond Kita drinkt mijn halve fles water leeg. Eén kilometer voor de top zie ik enkele schapen lopen en verderop nog wat. Ik geeft Kita een commando en zij brengt de schapen rustig bij elkaar. Als herder is dit een prachtige ervaring. Elke herder wil zich ontwikkelen, “wil hogerop” denk ik dan, en nu ben ik op 1900 m hoogte met m’n hond en schapen! Wat een ervaring!


Mijn gedachten dwalen af naar andere gebeurtenissen in Frankrijk, een land waar ik veel ben. Ik denk aan mijn Franse vriend Christophe, hij heeft 3 jaar geleden een pup van mijn hond Kita gekregen. We hebben veel contact. Hij woont en werkt in de buurt van Parijs en automatisch zijn mijn gedachten weer bij de ellende van Parijs. Ik heb Christophe direct na de aanslag op Charlie Hebdo een mail gestuurd, binnen een uur kreeg ik een antwoord, kort samengevat: la PEUR, la PEUR!! (de ANGST, de ANGST!!).

Terneergeslagen kijk ik om mij heen, de storm is gaan liggen en ik denk: “Hoe reageren dieren op zulke dramatische gebeurtenissen? Zouden ze er iets van mee krijgen?” Ik weet wel dat paarden gevoelens van mensen kunnen “spiegelen” en ik weet dat een hond de gemoedstoestand van zijn of haar baas aan kan voelen.
Er zijn meer dieren dan mensen op de wereld. Stel dat alle dieren zich zouden kunnen uiten? Zouden zij zich dan ook afzetten tegen de afschuwelijke gebeurtenissen in Parijs? Natuurlijk, het is een utopie, maar ik denk er toch aan…..Het is een rare, vreemde gedachte... Ik schud mijn hoofd en ik ben weer bij de werkelijkheid. De kudde is verspreid over het land, maar naast mij staat één schaap, natuurlijk nummer 39, de leider van de kudde, met achter hem natuurlijk enkele volgers.

Ik heb een speciale band met nummer 39. Het is het enige schaap dat mij opzoekt, als ik rust wil, of als ik iets te vertellen heb tegen een voorbijganger, of… als ik in mij zelf mompel of, zoals nu, nu ik het niet meer weet…
Soms denk ik wel eens: “Hij begrijpt mij” en ik maak een foto van hem:


zondag 11 januari 2015

Watertrappelen

Dit keer loop ik niet met mijn “eigen” (Vockestaert) kudde, maar ik loop met de Westlandse kudde, gevraagd door herder Pieter. Pieter, mijn leermeester, vriend en collega herder heeft circa 60 ooien staan bij de “De bonte Haas” aan de Zweth in Wateringen (grens gemeente Westland en gemeente Midden-Delfland).

De schapen moeten verplaatst worden van Wateringen naar de Wollebrand in Honselersdijk. De route gaat voor een groot gedeelte over brede fietspaden, aan beide kanten brede vaarten, dus weinig of geen verkeer. “Appeltje–eitje” denk ik.

We zijn met z’n drieën. Herder Pieter met hond Brit voorop, dan de 60 schapen en daarachter vrijwilligster Helene en ikzelf met maatje Kita . Alle drie zijn we opvallend getooid met reflector hesjes. De stroom gaat van de netten af (waar de schapen achter staan), de netten worden geopend en de kudde zoekt zijn weg naar de vrijheid. De dames hebben er goed zin in en we moeten stevig doorlopen.
Qua beleving is dit verplaatsen niet te vergelijken met het lopen met de kudde in Midden-Delfland. In Midden Delfland ben ik aan het “kuieren” en hier ben ik op mijn leeftijd met een heuse “speedmars” bezig. Het zweet staat op mijn rug en de handschoenen gaan uit.

Op het eerste stuk weg (doodlopend) hebben we nog met een automobiliste te maken met een kort lontje. De schapen lopen over de hele breedte van de weg, dat is het veiligste, maar dat betekent wel dat een aankomende fietser of scooter even moeten wachten, totdat de kudde is gepasseerd.
Komen ze van de achteren dan moeten ze iets langer wachten en dat geldt natuurlijk ook voor auto’s. We proberen dan binnen 5 min een zijweg te zoeken, waar we dan eventjes de kudde parkeren zodat de auto verder kan.

Deze automobiliste vindt dit blijkbaar veel te lang duren en heft haar armen in de auto ten hemel! Tja… een gesprek is niet mogelijk en… laat maar. Kort lontje. We gaan verder, steken de lange Watering over, lopen langs/door de tuin van George Jansen (sorry George, maar die begonia deed het toch niet zo goed meer), langs het gemaal en we komen in de buurt van de Wollebrand. We lopen evenwijdig aan de Bloemenroute, veel verkeer op de Bloemenroute, getoeter en opgestoken handen. Leuk!!

Aan de voorkant zie ik een scooter aan komen, achter de kudde is een wachtende racefietser, onze aandacht gaan naar deze weggebruikers, de honden drijven de schapen naar de zijkant om ruimte te maken voor het verkeer. Plotseling zie ik Pieter, die altijd voorop loopt, aan de achterkant van de kudde!

Hij ligt op de grond, zijn buik en armen bengelen boven de vaart. De vaart wordt aan beide kanten gevormd door hoge damwandprofielen, dus er is nergens een graskant. Het water ligt ruim lager, met andere woorden de “oever” is meer dan een meter hoog!
Eerst denk ik dat Pieter gevallen is (doet hij wel meer, als de schapen te veel druk zetten), maar dit keer is dat niet zo. In zijn oplettendheid (Pieter heeft HTS gedaan, kon dus vroeger ook al goed leren) heeft Pieter gezien dat er een schaap van de kade door zijn mede-schapen in het water geduwd is!

Hij probeert met al zijn energie het schaap boven water te houden. Snel gooi ik mijn staf en herdershoed neer in het gras en werp mij op de grond. Met mijn heupen op het ijzeren damwandprofiel (lekker hoor als je heup-artrose hebt…) graai ik met mijn handen naar het schaap dat beneden in het water ligt. Wat is een meter dan diep!

“Pak zijn linkerpoot” sist Pieter, terwijl hij verwoede pogingen doet om het rechterpootje van het schaap te pakken. Inmiddels is de schapenvacht vol gezogen met water. Met vereende krachten halen we met z’n tweeën het hevig geschrokken schaap op de kant. Nahijgend (ik hoeft vanavond niet meer naar de sportschool) zie ik een flits de kudde al verder op het pad. Helene, de fietser, de scooterrijder en de twee honden kijken ons met grote ogen aan… en ik zie ze denken... “Wat een helden!!!”

Geen tijd voor euforie of applaus, ik overweeg snel of het schaap nog mond-op-mond-beademing nodig heeft, maar dat is niet het geval. Het natte schaap zoekt in sneltreinvaart kudde op en vindt daar bescherming en veiligheid. We vervolgen onze weg en de kudde komt veilig in de Wollebrand aan.

Gelukkig is het goed afgelopen. Door het snel reageren van herder Pieter waren we nog net op tijd, maar Pieter was te laat geweest als het arme schaap niet had gedaan wat hij de eerste minuten in het water moest doen namelijk:

watertrappelen!!!!


zondag 4 januari 2015

Berusten

Het is 3 januari 2015 en voor mij de eerste dag in het nieuwe “schapenjaar”.
Net een paar graden boven nul, een gure wind en de regen geselen mijn gezicht, mijn handen zijn ijskoud. Mijn handschoenen zijn niet waterdicht en dat resulteert in een onaangenaam gevoel.
Ik zie geen sterveling buiten in de polder. Ja oké, een verdwaalde hondenbezitter: handen in zijn zakken, hoofd omlaag en boos kijkend naar zijn viervoeter, want het duurt natuurlijk veel te lang.

In de polders waar ik loop zijn geen bushokjes, geen viaducten, geen huizen of schuren om te schuilen, dus… “gelaten” neem ik het weer zoals het komt.
Ik mijmer wat, observeer de kudde en stel mijzelf de volgende vraag: “Hoe komt het nu dat wij zo vaak met het weer bezig zijn?” Elk uur horen we de weersverwachtingen op de radio, op de tv zenders worden de nieuwsuitzendingen afgesloten met “het weer” en Piet P. is hierdoor zelfs een bekende Nederlander geworden.

Tegenwoordig raadplegen we zelfs sites en apps over het weer. “Buienradar” is voor menigeen een begrip geworden. “Informatievoorziening” spreek ik mijzelf toe. Dat doe ik wel eens meer als er niemand in de polder is. In het begin dacht ik: misschien moet ik het er met mijn huisarts eens over hebben, dat in mijzelf praten. Maar ach, zolang schapen en hond het niet als storend ervaren, denk ik dat ik het maar zo laat.

Terug naar de buienradar: het is inmiddels méér dan informatievoorziening!!! Wij mensen zijn zover gezonken dat we 's ochtends na buienrader gezien te hebben, besluiten om 's avonds niet naar buiten te gaan want “Buienradar” zegt… Wij laten ons dus leiden/sturen door een app! Nogmaals, bloglezers…. Een “appje” bepaalt tegenwoordig voor veel mensen, wat we wel of niet gaan doen.

Ik kijk naar de kudde en zie geen enkele stress bij de dieren, ze staan met de kont in de harde wind, het plenst en het regenwater stroomt over de vette vacht naar de grond, de ondergrond is zompig en hun pootjes zakken vijf, zes centimeter in de bodem. En toch… wat een rust, geen stress, geen gezeur, ze grazen wat of herkauwen.
Natuurlijk heeft het weer invloed op dieren, maar bij schapen zie je altijd dat ze het weer gewoon accepteren. Ze “berusten” er in.

Vind ik wel een mooi woord “berusten”, daar zit het woord: RUST in. De kudde is RUSTig en blijft RUSTig. Waarom? Ze hebben geen andere keuze, het is nu eenmaal zo. En wij mensen? Wij hebben of maken altijd keuzes. Wij maken altijd vergelijkingen. We hebben pak weg tien dagen in het jaar “mooi” weer en verder is het altijd te koud, te nat, te heet of te veel wind, het is altijd wat.
Als we het weer accepteren zoals het komt en er in berusten, dan zou dat veel minder stress, geklaag en gemopper opleveren. Kijk maar naar de schapen.

Hond Kita kijkt mij aan en wil zeggen: “Hou eens op met dat gepraat in jezelf, zullen we nu een stukje gaan lopen?” En ja, het wordt weer eens tijd om de benen te strekken, ik geef mijn vriend een commando en zij regelt verder dat de kudde ook de benen, uuuhh, poten strekt en we gaan op pad.
Tot slot zeg ik nog tegen mijzelf: “Slecht weer bestaat niet, slechte kleding wel”. En ik neem me voor om toch eens te gaan kijken bij Bever of er waterdichte handschoenen bestaan.

Voor alle bloglezers en mijzelf wil ik het volgende toewensen:
Heel veel gezondheid voor het nieuwe jaar en… Voor wat betreft het weer in 2015, maar ook voor al die kleine onbelangrijke dingetjes als een kapotte printer, een vlek op je broek/jurk, een lekke band, de vuilnisbak vergeten buiten te zetten, een deukje in je auto, even geen bereik voor telefoon of iPad… doe en denk net als de schapen… berust er in.

foto: Jeannemieke Hectors


donderdag 1 januari 2015

Kunnen schapen vliegen?

Dit is natuurlijk een rare vraag, maar ik kom erop omdat ik aan het begin van het nieuwe jaar alle mails, notulen en foto’s van 2014 even wil ordenen, zodat ik 2015 met een schone lei kan beginnen.

Regelmatig komt er een schoolklas bij de kudde ter educatie. Je kent ze wel: een klas uit de binnenstad, kids zitten hele dagen aan de computer of voor een groot flatscreen en spelen misschien een paar keer week op een Johan Cruyff Court, gemarkeerd door hoge hekken (anders rolt de bal op de tramrails of de honden kunnen vrij op de middenstip een drol draaien).

De kids hebben één keer per maand een les over natuur en 2x per jaar gaan ze de stad uit. Als ze mazzel hebben kan er nog een bus gehuurd worden en rijden ze naar Drievliet of heel misschien naar de Efteling en één keer per jaar mogen de kids naar de natuur: naar de dierentuin, een bijen imker of… naar de schaapskudde.
Vreemd, maar ik besef dan pas dat deze stadskinderen niet weten wat een “kudde” is. Ze hebben wel eens een schaap gezien op de kinderboerderij, maar dat was er meestal maar één.

Het is voorjaar 2014, ik loop met de kudde en alle lammetjes in de polder, het zijn circa 400 dieren. Een geweldige imponerende ervaring voor kinderen die dit nog nooit mee gemaakt hebben.
De kids kijken hun ogen uit en vinden het geweldig wat het hondje allemaal kan. Ik doe de spannende uitleg van de hond: de hond stamt af van de wolf en de schapen zijn bang van een wolf, daarom beweegt de kudde.
De kinderen vinden het geweldig als ik na de commando’s over ga op fluitsignalen. Eén kind merkt op: “Het lijkt net of de herder met een joystick werkt, want het hondje doet precies wat de herder wil met het fluitje”.

Na een uurtje zijn de kinderen aan de massaliteit van de kudde gewend en dan komen de vragen over het hondje, over wat schapen eten, waar de schapen slapen? Of… “Kunnen schapen zwemmen?” “Ja,” antwoord ik dan,“Als een schaap van de brug valt en dat gebeurt nogal eens, dan zwemt hij naar de kant en dan trek ik het schaap uit de sloot.”
Met grote ogen kijken de kinderen en de juffrouw mij aan. “Kunnen schapen vliegen?” is de volgende vraag. De juffrouw begint te lachen, maar de kinderen niet, want ze weten het tegenwoordig gewoon niet met al die games en animatiefilmpjes; de kinderen worden zo vaak voor de gek gehouden. Ik kijk de juffrouw een beetje boos aan en vervolgens geef ik kort antwoord aan de kinderen.

“Ja, soms als ze bang zijn, kunnen schapen vliegen.”
“Herder, kunt u dan een schaap bang maken, dan kunnen we dat zien, want de juffrouw gelooft het niet.”
“Nee, dat doe ik niet, want ik vind het zielig om een schaap bang te maken. Weet je wat, als het een keer gebeurt, dan maak ik een foto en zet hem op mijn blog.”
Beloofd is beloofd en bij het “opruimen van mijn bestanden” kwam ik deze foto tegen:

foto: Leo Olsthoorn
Eén schaap was in het water gevallen en de herder haalt het schaap uit het water, het andere schaap was zo geschrokken dat hij over de brug vloog!!!!!!

maandag 29 december 2014

Gelukkig!

Tweede kerstdag in de vroege ochtend ben ik weer op zoek gegaan naar de kudde samen met vriend Arie. Arie is ook herder en heeft ook een hond: een grote waakhond, dus niet geschikt voor bij de kudde.
Arie loopt vaak mee in het weekend en heeft zich geconformeerd aan het herderschap: lange jas, hoed, herdersstok. Alleen de hond ontbreekt, best jammer, want zonder hond moet je zelf veel meer hollen!

Wijselijk heeft Arie dus de keuze gemaakt om dan maar met mij en mijn border collie Kita op pad te gaan, maar... dan moet de kudde er wel zijn!
De hele ochtend gezocht maar niets gevonden en rond 12 uur waren we weer terug bij boerderij.
Het is lekker weer en we kijken uit naar de bezoekers. Via dit blog en kranten hebben we een oproep gedaan om mee te helpen met het zoeken naar de kudde. We vroegen ons af hoeveel bezoekers er zullen komen 50? 100?

Om 14 uur komen de eerste bezoekers bij de boerderij. Vrijwilligster Lucia had zelf kerstkoekjes gebakken en dat smaakte best bij een kop koffie. Rond 14.30 uur begonnen de bezoekers met de speurtocht en een goed half uur later had de groep eindelijk de kudde gevonden. De kudde liep tussen de bosschages in de buurt van Schiedam.

"Ik ben meneer Kerst Man en hoe heet jij?"
Tussen de kudde liep een opgewonden standje, rood pak aan, met witte baard en een stomme muts op. Deze meneer had de kudde meegenomen en was de weg kwijtgeraakt, maar hij was ook figuurlijk de weg kwijt, wat een druktemaker!
Gelukkig waren er heel veel kinderen meegekomen, zij konden de netten open zetten en zij wisten de weg terug naar de boerderij. Alle kinderen hielpen mee: de wegen moesten afgezet worden voor het aankomend verkeer en de achterste schapen moesten aansluiten bij de kudde.

De kinderen sluiten het erf van de boerderij af.
Rond 16.00 uur was de kudde gelukkig weer op de boerderij. Er was warme chocolademelk en iedereen warmde zich aan het kampvuur. Herder Arie en ik kijken terug op een geslaagde middag, er waren tussen de 200 en 250 bezoekers, we hebben veel blije gezichten gezien en de kudde is weer terug!

Lekker warm!
Dank aan alle bezoekers en natuurlijk ook de vrijwilligers van Vockestaert. Ik wens je een fijne jaarwisseling.

P.S. Als je nog wilt weten wat de uitslag was van de speurtocht, vraag het via info@lexthoen.nl




zondag 21 december 2014

Een vreemde kennis

Vrijdagavond bij de kerstborrel van Vockestaert sprak ik even de beheerder. Hij gaf aan dat ik het weekend niet met de kudde hoefde te lopen, want een Amerikaan, een kennis van hem, zou de kudde verplaatsen van Holy naar onze boerderij.
Zo vlak voor de kerstdagen vond ik dit eigenlijk wel best, want ik heb het druk zat. Een weekendje vrij kwam prima uit. De beheerder zelf zou het weekend weggaan, maar hij zou mijn telefoonnummer geven aan zijn kennis.

Ik maakte met iedereen een praatje, kreeg mijn kerstpakket en wilde vertrekken. Door de volle rumoerige zaal liep ik naar de gang en kwam de beheerder nog even tegen. “Wie is die kennis eigenlijk?” vroeg ik hem. “Kees Man,” zei hij vaag met een mond vol pinda’s. “Nooit van gehoord,” dacht ik, ik groette hem snel en ging naar huis met een kist vol natuurproducten uit onze mooie streek Midden-Delfland.

Zaterdagavond krijg ik een “appie” op mijn telefoon: “Herder, ben met kudde walking, I lost the way, kan you helpen? Batterij tel. bijna op, gr. Kerst”
Ik begreep er weinig van en appte terug: “Wie is Kerst?”
Binnen 5 minuten een reply: “I am friend of beheerder, I walk with kudde Vockestaert, heb toestemming, my name is Kerst”

Toen begon het mij te dagen... Die Amerikaan was natuurlijk verdwaald in onze polders. Ik belde hem direct. Tuuuut… tuuuut... “Yes, you’re talking with Kerst Man, met wie spreek…” Tuuuut... tuuuuut...
Verbinding verbroken. “Verdorie,” dacht ik, “zijn batterijen zijn natuurlijk op.” Zondagochtend vroeg ben ik direct met mijn hond Kita gaan zoeken in de polders... maar niets te zien! Geen kudde!

Wat een ramp! Ik heb toen gelijk de politie gebeld! “Meneer de herder, het zijn geen kinderen meer, het zijn volwassen dames, dus dat heeft momenteel bij ons geen prioriteit”
“Ja maar, ja maar…” stamelde ik… “Meneer, goedendag en succes met zoeken…” Tuuut... tuuut...

Ik zit nu met mijn handen in mijn haar, ik zie maar één uitweg en dat is om al mijn kennissen en lezers van dit blog in te schakelen om mee te helpen:

Kom tweede Kerstdag om 14.00 uur naar de boerderij aan de Woudweg 26, Schiedam. We gaan dan rond 14.30 uur op zoek naar die Amerikaan, die meneer Man, Kerst Man, ja, zo heet hij…. En daar is dan ook de kudde… En dan brengen we de kudde naar de boerderij!
We warmen ons daarna bij het kampvuur en eten soep, drinken glühwein of chocomel en enne, enne… en dan hebben we toch met z’n allen een fijne kerst!

Een kerstoproep van een wanhopige herder.



zondag 7 december 2014

Een en tachtig

Het dinsdag begin december en bij het begin van de ochtend is er rijp te zien op de grasvelden. Het heeft licht gevroren en het is fris in de polder.

Met dit weer blijven veel mensen thuis, het nodigt de mensen niet uit om een lekkere wandeling te gaan maken. Voor mij is het een rustige, stille dag, geen dagjesmensen en geen groep bij de kudde. Ik zie in de verte een enkele hondenbezitter en zwaai gemoedelijk naar hem of haar.
De dag kabbelt voort, tijd voor een krantje is er wel maar ik vind het te fris om lang stil te zitten, ik kuier wat langs de rietkragen en ruim wat blikjes powerdrank, wietzakjes en lege zakjes chips op. Deze (jeugdige) vissers recreëren naar harte lust in hun tentjes langs de waterkant, maar hebben blijkbaar net dat stukje opvoeding gemist waarin verteld werd dat men na afloop ook de rotzooi op moet ruimen en mee moet nemen.

Ik besteed nog wat tijd om met de jonge hond Spyck te trainen. Spyck zit niet vast aan een lijntje, ze loopt rustig mee met de kudde. Samen de kudde drijven in voorwaartse richting doet ze goed. Spyck beheerst het “op 12 uur” blijven nog niet. Dit is ook moeilijk te oefenen met 150 schapen. Normaal gesproken beginnen de lessen met een jonge hond met 4 tot 6 schapen en dan is er veel beter en sneller overzicht voor de handler (herder). Werk aan de winkel voor het komende jaar.

Verder nog wat meegemaakt? Ja…

Aan het einde van de middag zie ik in een van de vaarten tussen het riet door een kano met daarin een man. Doodstil, hij beweegt niet. Ik kijk het een minuutje aan en de man beweegt nog steeds niet! “Verdorie,” denk ik, “Die man is onwel geworden, verdomme, nou moet ik zo meteen nog het water in ook.”
Ik loop naar het riet toe en spreek de man toe, gelukkig hij beweegt. Hij was bezig met om foto’s terug te kijken op zijn toestel. Niets aan de hand dus, ik ben een beetje opgelucht en we raken aan de praat. We delen onze interesses, de natuur, Midden-Delfland, de schaapskudde etc.

Al pratende kwam ik er achter dat ik hem al meer gezien heb op de wateren in Midden Delfland. “Bent u regelmatig op het water?” vraag ik hem. “Meneer, èlke dag, het hele jaar door, behalve als het vriest! Ik woon in Delft, pak mijn fiets en elke dag rij ik naar Schipluiden, want daar ligt mijn kano en dan vaar ik over de Vlaardingse Vaart naar de Vlietlanden. Ik vind het heerlijk om foto’s te maken, Ik heb wel zo'n modern toestel, maar ik laat nog gewoon de foto’s afdrukken op papier.”

“Zeker wel koud zo stil op het water?” vraag ik hem. “Welnee meneer, bij U daar op de kant is het koud, want u voelt de wind. Ik vaar meestal langs de rietkragen en dan ben ik in de luwte.” “Tja,” zeg ik, “Dat is wel slim, maar laat ik dat nou maar niet proberen, want dat wordt een zooitje met al die schapen in het riet.” We praten nog even kort over wat 'wij, buiten-mensen' in de winter voor kleding moeten hebben en het gesprek loopt ten einde. Tot slot vraag ik hem: “Mag ik u naar uw leeftijd vragen?”

“Ik ben 81…”

Hij steekt zijn hand op en peddelt langzaam verder…  en ik neem mij voor om tegen niemand, maar dan ook echt tegen niemand, te zeggen dat ik het deze dag koud heb gehad. Ik zet mijn kraag op, steek mijn handen diep in de zakken en ik loop tegen de oostenwind in naar de boerderij, nog een uurtje te gaan. In gedachten neem ik mij voor dat ik met mijn kudde in de Provence (Frankrijk) loop, 25 graden met een heerlijke zonnetje. En het helpt... een beetje, brrrrrrrr.